Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar het Hof verklaarde dit hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een motivering. Belanghebbende kwam hiertegen in verzet en betwistte de ontvangst van het notificatiebericht dat hem in de gelegenheid stelde het hoger beroep te motiveren.
Het Hof onderzocht de loggegevens van het digitale systeem en stelde vast dat op de datum van het bericht een notificatie was verzonden naar het e-mailadres van de gemachtigde van belanghebbende. Hoewel de gemachtigde stelde pas later toegang te hebben gekregen tot het bericht, bleek dit te wijten aan een systeemwijziging die de datum van toegang aanpaste zonder daadwerkelijke beperking van toegang.
Op grond van artikel 8:36c, lid 2, Awb concludeerde het Hof dat de gemachtigde het bericht op de datum van verzending heeft ontvangen. Daarom was het hoger beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard en werd het verzet ongegrond verklaard.
De uitspraak is gedaan door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam en op 20 maart 2025 in het openbaar uitgesproken.