Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
LEASE FOR AN INDEFINITE TERM”. Verder bepaalt de huurovereenkomst:
(…) Whereas;
(…)
Mr [geïntimeerde] despite no agreement to ending the lease on 15th January as proposed earlier in court has since had the locks to the apartment changed meaning I cannot access.
4.Procedure bij de kantonrechter
5.Procedure in hoger beroep
6.Beoordeling
“Special remarks”nu juist is vermeld dat de sleutels door de huurder of zijn vertegenwoordiger niet waren overhandigd maar waren gehouden. Reeds vanwege deze tegenstrijdigheid tussen de beide opmerkingen van de makelaar in het rapport had [appellant] aan de juistheid van bedoelde mededeling moeten twijfelen. Dat geldt te meer omdat [appellant] tijdens de zitting in hoger beroep heeft verklaard dat zijn kennis na de eindinspectie inderdaad één set sleutels heeft gehouden. Ten slotte heeft ook het vervangen van de sloten van de woning niet tot gevolg dat [appellant] er gerechtvaardigd op heeft mogen vertrouwen dat [geïntimeerde] instemde met beëindiging van de huurovereenkomst. Omdat de sleutels van de woning niet (allemaal) aan de makelaar waren afgegeven, zag [geïntimeerde] zich geconfronteerd met een voor hem onbekende derde die toegang tot de woning had, terwijl [appellant] de woning had verlaten. Dat [geïntimeerde] de sloten daarom heeft laten vervangen acht het hof gerechtvaardigd. Kennelijk was het ook voor [appellant] zelf onduidelijk of [geïntimeerde] nu had ingestemd met de beëindiging van de huurovereenkomst of niet. Dat volgt uit zijn e-mail van 27 januari 2021 aan de advocaat van [geïntimeerde] (zie onder 3.7), waarin hij om duidelijkheid vraagt over het standpunt van [geïntimeerde] met betrekking tot het einde van de huurovereenkomst. Het antwoord van de advocaat op deze e-mail maakte duidelijk dat [geïntimeerde] nog steeds niet instemde met een beëindiging (zie onder 3.8). Het hof is daarom
– met de kantonrechter – van oordeel dat [appellant] er niet gerechtvaardigd op heeft mogen vertrouwen dat [geïntimeerde] heeft ingestemd met beëindiging van de huurovereenkomst.
“new resident(s)”voor de woning en niet pas per 1 juli 2021. Een dergelijk stuk levert dwingend bewijs op. Nu [geïntimeerde] per direct nieuwe huurinkomsten verwierf heeft hij geen schade althans moet verrekening van voordeel plaatsvinden, aldus [appellant] .
On 1/13/2021, [naam][hof: de makelaar]
transferred the following keys to the new resident(s)”. Daaronder staan twee foto’s met op elke foto een andere set sleutels. Op pagina 18 van het rapport staat onder het kopje
“Special remarks”echter:
“The keys were not handed over by tenant or by representative of tenant and kept.
”Zoals hiervoor onder 6.5 reeds is overwogen, zijn deze mededelingen tegenstrijdig met elkaar. Ze kunnen immers niet allebei juist zijn. Uit de verklaring van [appellant] tijdens de zitting in hoger beroep dat één set sleutels inderdaad niet is afgegeven aan de makelaar leidt het hof – met [geïntimeerde] – af dat de zin op pagina 17 niet juist is en de zin op pagina 18 wel. Omdat het hof hierboven al heeft geoordeeld dat de huurovereenkomst niet is opgezegd of is geëindigd met wederzijds goedvinden medio januari 2021, was [appellant] dus verplicht de huur te betalen tot het einde van de huurovereenkomst. Anders dan [appellant] veronderstelt ligt het op zijn weg te stellen en zo nodig te bewijzen dat [geïntimeerde] door een eerdere verhuur van de woning een voordeel heeft genoten. [appellant] heeft hierover geen concrete stellingen ingenomen. Dat betekent dat ook deze grief faalt.
.