Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.De procedure in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het hoger beroep
5.De motivering van de beslissing
6.De beslissing
- Kerstvakantie: de kinderen verblijven in het even jaar de eerste week van de Kerstvakantie inclusief de Kerstdagen bij de vader en de tweede week bij de moeder, inclusief Oud en Nieuw, in de oneven jaren verblijven de kinderen de eerste week van de Kerstvakantie inclusief de Kerstdagen bij de moeder en de tweede week bij de vader, inclusief Oud en Nieuw;
- Pasen: vanaf de donderdagavond 19.00 uur voorafgaand aan Goede Vrijdag zijn de kinderen in het even jaar bij de vader en in het oneven jaar bij de moeder;
- Hemelvaart: de kinderen zijn vanaf woensdagavond 19.00 uur voorafgaand aan Hemelvaart in het even jaar bij de moeder en het oneven jaar bij de vader;
- Pinksteren: in het oneven jaar zijn de kinderen bij de vader en in het even jaar bij de moeder;
- Vaderdag/Moederdag: de kinderen zijn het hele weekend bij de vader met Vaderdag en met Moederdag bij de moeder, hetgeen kan betekenen dat er een weekend geruild moet worden;
- waarbij de kinderen in de zomervakantie van 2026 en 2027 bij iedere ouder twee weken aaneengesloten verblijven;
- vanaf 2028 zijn de kinderen in de zomervakanties drie weken aaneengesloten bij iedere ouder;
- de kinderen in de oneven jaren in de voorjaarsvakantie bij de vader verblijven en in de herfstvakantie bij de moeder en de kinderen in de even jaren in de voorjaarsvakantie bij de moeder verblijven en in de herfstvakantie bij de vader;