ECLI:NL:GHAMS:2026:811
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie: wijziging bijdrage vrouw aan man voor minderjarige zoon
De zaak betreft een geschil over de kinderalimentatie die de vrouw aan de man moet betalen voor hun minderjarige zoon. De rechtbank had de bijdrage van de vrouw vastgesteld op €303 per maand vanaf 1 februari 2024 en €322,70 vanaf 1 januari 2025. De vrouw is het hier niet mee eens en ging in hoger beroep.
Het hof oordeelt dat de ouders bij hun afspraak van 11 januari 2024 ten nadele van het kind zijn afgeweken van de wettelijke maatstaven, waardoor de rechtbank terecht de wijziging heeft vastgesteld. De vrouw stelde dat de man meer inkomen had dan aangenomen, onder meer door op geld waardeerbare arbeid, maar het hof verwierp dit op basis van rechercherapporten en het bewijsaanbod van de vrouw.
De ingangsdatum van de wijziging wordt door het hof aangepast naar 31 mei 2024, de datum waarop het verzoek van de man bij de rechtbank binnenkwam. De zorgkorting wordt vastgesteld op 15% vanwege de beperkte zorg van de vrouw. De vrouw hoeft teveel betaalde alimentatie niet terug te vorderen. De beschikking wordt verder bekrachtigd en de proceskostenveroordeling afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijzigt de ingangsdatum van de kinderalimentatiebetaling en bekrachtigt de overige onderdelen van de beschikking.