Uitspraak
[B.V. A],
1.[geïntimeerde 1] Vastgoed B.V.,
2. [geïntimeerde 1] Group B.V.,
3. [geïntimeerde in persoon],
[geïntimeerden]en afzonderlijk
[geïntimeerde 1] Vastgoed, [geïntimeerde 1] Groupen
[geïntimeerde 1],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
bij arrest uitvoerbaar bij voorraad voor zover de wet zulks toelaat en onder vernietiging van de door de rechtbank Zwolle-Lelystad in eerste aanleg tussen partijen gewezen vonnissen,
het verzoek om wijziging van eis van [B.V. A] af te wijzen, de grieven van [B.V. A] ongegrond te verklaren en de vonnissen waartegen beroep is ingesteld, in stand te laten, waar nodig onder verbetering van gronden, met veroordeling van [B.V. A] in de kosten van deze procedure en met veroordeling van [B.V. A] tot betaling van de nakosten tot een bedrag van € 131,-- dan wel indien betekening van het arrest plaatsvindt tot een bedrag van € 199,-- waarbij betaling van alle proceskosten dient te geschieden binnen veertien dagen na dagtekening van het arrest, respectievelijk binnen veertien dagen na dagtekening van de betekening, bij gebreke waarvan [B.V. A] de wettelijke rente ex art. 6:119 BW Pro verschuldigd is over de proceskosten en de nakosten tot aan de dag van algehele betaling, althans zodanige uitspraak te doen als het hof juist acht.’
3.De feiten
4.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
5.De beoordeling van het hoger beroep
dinsdag 1 oktober 2013voor het nemen van een akte door [B.V. A] tot het onder 5.22 en 5.26 genoemde doel;