Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[appellant sub 1],
[geïntimeerde sub 2],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze civiele zaak betreft een beroepsfout van een advocaat die zijn cliënten, indirect bestuurders van een vennootschap, onvoldoende waarschuwde voor de risico's van betalingen aan crediteuren na het besluit tot het doen van eigen aangifte van faillissement.
De feiten betreffen betalingen door Wabru Gejo Infra B.V. aan crediteuren na het besluit tot eigen aangifte op 2 maart 2006. De curator stelde de bestuurders aansprakelijk wegens onrechtmatige betalingen. Vervolgens stelden deze bestuurders de advocaat aansprakelijk wegens onjuist advies.
De rechtbank oordeelde dat de advocaat een beroepsfout had gemaakt. Het hof bevestigt dit oordeel en overweegt dat de advocaat niet als een redelijk bekwaam en handelend advocaat heeft gehandeld door niet te waarschuwen voor de risico's, mede gelet op de toen geldende jurisprudentie en literatuur. De stelling van de advocaat dat het destijds geen uitgemaakte zaak was, faalt omdat hij onvoldoende onderzoek heeft gedaan.
Het hof bekrachtigt het tussenvonnis en veroordeelt de appellanten hoofdelijk in de proceskosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 24 december 2013.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het tussenvonnis en bevestigt dat de advocaat een beroepsfout heeft gemaakt door cliënten niet te waarschuwen voor risico's van betalingen na het besluit tot eigen aangifte faillissement.