ECLI:NL:RBARN:2012:BY6189
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat wegens onvoldoende waarschuwing bij faillissementsbetalingen
Eisers vorderen een verklaring voor recht dat de advocaat en zijn kantoor tekort zijn geschoten in de advisering rondom de doorstart en het faillissement van Wabru Gejo Infra B.V. Zij stellen dat de advocaat onvoldoende heeft gewaarschuwd voor de risico's van betalingen na het besluit tot eigen aangifte, waardoor onrechtmatige betalingen zijn gedaan die schade hebben veroorzaakt.
De rechtbank stelt vast dat het besluit tot eigen aangifte op 2 maart 2006 een einde maakte aan de vrijheid van de vennootschap om schuldeisers naar eigen inzicht te betalen. Betalingen na dat moment waren onrechtmatig jegens de gezamenlijke schuldeisers en de boedel. De advocaat had de eisers moeten waarschuwen voor deze risico's, wat hij niet heeft gedaan, waardoor sprake is van een toerekenbare tekortkoming.
Eisers konden echter onvoldoende aantonen dat zij schade hebben geleden als gevolg van deze beroepsfout. De rechtbank wijst erop dat het causaal verband tussen de fout en de schade door eisers moet worden bewezen, wat niet is gebeurd. Ook andere verwijten aan de advocaat, zoals het advies in schikkingsonderhandelingen en het niet bedingen van finale kwijting, leiden niet tot aansprakelijkheid.
De rechtbank draagt eisers op bewijs te leveren van het causaal verband en houdt de zaak aan voor verdere bewijslevering. Het vonnis is gewezen door mr. G.J. Meijer en op 14 november 2012 uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de advocaat tekort is geschoten maar eisers onvoldoende bewijs leveren voor het causaal verband met schade, waardoor de vorderingen worden afgewezen en bewijs wordt opgedragen.