ECLI:NL:GHARL:2013:CA1816
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toepassing cultuurgrondvrijstelling bij begrazing weilanden door pony’s als veehouderij
Belanghebbende exploiteert een bedrijfsmatige Welsh pony fokkerij met verschillende weilanden die worden begraasd door pony’s. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde van deze weilanden vast, maar belanghebbende betwistte dit en voerde aan dat de weilanden als cultuurgrond buiten de waardering moeten blijven.
De rechtbank Zutphen had de beroepen van belanghebbende gegrond verklaard en de WOZ-waarden tot nihil verminderd. De heffingsambtenaar ging hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Het hof oordeelt dat het begrip landbouw in de zin van artikel 7:312 BW Pro ook veehouderij en weidebouw omvat, en bevestigt dat het laten begrazen van weilanden door pony’s onder veehouderij valt. Ook het maaien van weilanden voor hooi als veevoer wordt als landbouw aangemerkt. Daarmee is sprake van bedrijfsmatige landbouwexploitatie en geldt de cultuurgrondvrijstelling.
Het hof verklaart de hoger beroepen ongegrond, bevestigt het vonnis van de rechtbank en wijst de WOZ-waarden van de onroerende zaken buiten aanmerking. Proceskosten worden niet toegewezen. Tegen deze uitspraak staat cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de heffingsambtenaar ongegrond en bevestigt dat de waarde van de weilanden buiten de WOZ-waardering blijft vanwege cultuurgrondvrijstelling.