Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: verzoeker)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Verzoeker heeft bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden verzocht om herziening van uitspraken van 27 juni 2008 inzake belastingaanslagen, navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen opgelegd door de Inspecteur van de Belastingdienst. De aanslagen betroffen jaren 1992 tot en met 2000 en waren gebaseerd op het zogenaamde Rekeningenproject, waarbij verzoeker werd aangemerkt als houder van een bankrekening bij KB-Lux bank te Luxemburg.
Verzoeker stelde dat de identificatie onjuist was en dat hij nooit een rekening bij deze bank had aangehouden. Tevens voerde hij aan dat de gehanteerde vermenigvuldigingsfactor 1,5 bij de berekening van de aanslagen onrechtmatig was, en dat het bewijs voor de boetes niet voldeed aan de vereisten van het EVRM. Daarnaast stelde verzoeker dat hij ongelijk werd behandeld ten opzichte van andere belastingplichtigen in het Rekeningenproject.
Het Hof oordeelde dat de feiten en omstandigheden waarop verzoeker zich baseert niet nieuw zijn en reeds bekend waren bij de eerdere procedures. De vermeende misidentificatie en de toepassing van de vermenigvuldigingsfactor 1,5 waren reeds aan de orde geweest. Latere jurisprudentie die de factor 1,5 als ontoelaatbaar bestempelt, kan geen grond voor herziening vormen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de zaken van verzoeker onherroepelijk waren geworden vóór de jurisprudentie die tot aanpassing van de Inspecteur leidde.
Het verzoek tot herziening wordt daarom afgewezen. Er worden geen proceskosten opgelegd. De uitspraak is gedaan door de eerste meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 26 maart 2014.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de belastingaanslagen, navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen wordt afgewezen.