Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[geïntimeerde sub 1],
[geïntimeerde sub 2],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak vorderde appellante onder meer de verwijdering van een afvoerpijp en schadevergoeding, terwijl geïntimeerden in reconventie een erfdienstbaarheid tot handhaving van de bestaande toestand tegen schadeloosstelling eisten. Het hof verwierp eerder alle grieven betreffende de conventionele vorderingen en richt zich nu op de hoogte van de schadeloosstelling in reconventie.
De deskundige taxeerde de waardevermindering van het eigendom van appellante door de erfdienstbaarheid op €8.750, waarbij rekening werd gehouden met visuele schade, geluidsoverlast van het afzuigsysteem en mogelijke geurhinder. Geïntimeerden betoogden dat geluid en geur niet meegenomen mochten worden, maar het hof oordeelde dat de schadeloosstelling volledig moet zijn conform art. 5:54 lid 1 BW Pro en artikel 1 Eerste Pro Protocol EVRM, en dat de deskundige terecht ook deze aspecten had betrokken.
Het hof verwierp de stelling dat geurhinder niet kon worden vastgesteld omdat de frituur niet in werking was tijdens bezichtiging, en vond de motivering van de deskundige overtuigend. Geïntimeerden hadden geen gemotiveerde tegenexpertise aangeleverd. Ook de mogelijkheid tot schadebeperking door vernieuwing van de afvoerpijp werd buiten beschouwing gelaten omdat geen concrete plannen bestonden.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank voor wat betreft de schadeloosstelling en proceskosten in reconventie, stelde de schadeloosstelling vast op €8.750 met wettelijke rente vanaf arrestdatum, veroordeelde geïntimeerden tot betaling van deze schadeloosstelling en proceskosten, en compenseerde de overige kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof stelt de schadeloosstelling vast op €8.750 en veroordeelt geïntimeerden tot betaling met wettelijke rente vanaf arrestdatum.