Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van het geding
2.De verdere beoordeling van de grieven en de vordering
€ 3.477,50(2,5 punt x tarief III)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak stond de uitleg van een vaststellingsovereenkomst centraal, waarbij appellant een perceel kocht met de verplichting een ontsluitingsweg aan te leggen en een erfdienstbaarheid te vestigen ten behoeve van aanwonenden. Het geschil betrof de vraag of de aangelegde weg voldeed aan de eisen van de gemeente, die de weg uiteindelijk niet wilde overnemen vanwege het gekozen waterafvoersysteem.
Het hof baseerde zich op getuigenverhoren van betrokken partijen en ambtenaren van de gemeente Buren. Uit de verklaringen bleek dat de gemeente aanvankelijk een wadi-systeem wilde voor hemelwaterafvoer, maar dit vanwege de bodemgesteldheid (zware klei) niet mogelijk was. Uiteindelijk werd in overleg met het waterschap gekozen voor een pompsysteem met een persleiding naar open water, waar de gemeente ook aan meewerkte.
Hoewel de gemeente de weg niet wilde overnemen omdat het waterafvoersysteem afweek van haar gebruikelijke systemen, heeft het hof geoordeeld dat de weg voldoet aan de gestelde eisen. Appellant slaagde er niet in het tegendeel te bewijzen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de ontsluitingsweg voldoet aan de eisen en wijst het beroep van appellant af.