ECLI:NL:GHARL:2018:9110
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake renteswapovereenkomsten en onvoorziene omstandigheden Euribor
In deze civiele zaak ging het om twee renteswapovereenkomsten tussen [naam] en SNS, afgesloten ter afdekking van rentevariaties op leningen voor bedrijfspanden. [naam] vorderde vernietiging van de renteswaps wegens dwaling en schadevergoeding wegens schending van zorgplicht, mede gebaseerd op de stelling dat Euribor als marktgraadmeter was gemanipuleerd en niet meer functioneerde.
De rechtbank wees de vorderingen af wegens verjaring. In hoger beroep wijzigde [naam] haar grondslag en stelde dat zij pas recentelijk kennis had genomen van de Euribor-manipulatie en systeemwijzigingen. Het hof oordeelde dat de nieuwe grondslag een nieuwe rechtsvordering vormde, maar dat de vordering tot vernietiging en schadevergoeding wegens dwaling en bedrog reeds was verjaard. De vordering tot schadevergoeding wegens zorgplicht werd niet verjaard geacht.
Het hof stelde vast dat onvoorziene omstandigheden bestonden door het ingrijpen van de ECB en de daling van Euribor, maar dat dit geen rechtvaardiging bood voor ontbinding van de renteswapovereenkomsten. De hogere rentelasten kwamen door opslagverhogingen door Property Finance, een dochter van SNS, maar dit kon SNS niet worden toegerekend. Ook werd onvoldoende onderbouwd dat SNS haar zorgplicht had geschonden.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank, wees de vorderingen af en veroordeelde [naam] in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en uitgesproken op 16 oktober 2018.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van [naam] af wegens verjaring en onvoldoende onderbouwing van ontbinding.