Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Arnhem(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
1 Inleiding
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, gebruikte een pand dat eigendom is van haar vennoten voor zowel privé- als zakelijke doeleinden. De vennootschap bracht de volledige voorbelasting op de bouwkosten van het pand in aftrek, maar betaalde omzetbelasting over het privégebruik van het pand.
De inspecteur wees bezwaar tegen deze aangiften af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep oordeelt het hof dat het pand niet tot het bedrijfsvermogen van belanghebbende behoort omdat de feitelijke beschikkingsmacht bij de vennoten ligt, niet bij de vennootschap zelf. Het hof volgt de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EU over vermogensetikettering.
Het hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en gelast de inspecteur tot teruggaaf van de ten onrechte betaalde omzetbelasting over de betreffende tijdvakken. Tevens veroordeelt het hof de inspecteur in de proceskosten en vergoedt het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep gegrond en gelast teruggaaf van ten onrechte betaalde omzetbelasting over 2015 en 2016.