Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan de
gemeente Zaltbommel (hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende was eigenaar van een vrijstaande woning in het buitengebied van een plaats en maakte bezwaar tegen de WOZ-waardevaststelling van €205.000 voor 2018. De heffingsambtenaar verlaagde de waarde op bezwaar naar €100.000, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Belanghebbende ging in hoger beroep.
De woning is gebouwd in 1966, met een inhoud van circa 300 m³ en een perceel van 950 m². Belanghebbende had tot 2015 ook een kas en grond verkocht aan een familielid. Een aanvraag tot bestemmingswijziging van agrarisch naar wonen werd geweigerd omdat de kas niet was gesloopt. Belanghebbende overhandigde een taxatierapport dat de marktwaarde op €70.000 stelde, maar dit betrof de waarde van het bloot eigendom onder vruchtgebruik.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar met een taxatiematrix en vergelijkbare agrarische bedrijfswoningen aannemelijk had gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld. De lagere waarde in het taxatierapport betrof niet de volle eigendom. Ook het beroep op gewekt vertrouwen dat het pand als burgerwoning zou worden aangemerkt, faalde omdat dit tot een hogere waarde zou leiden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €100.000 wordt bevestigd.