Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een boete opgelegd voor het gebruik van een motorrijtuig door een werknemer, wat niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden. De Inspecteur verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank wees het beroep af. In hoger beroep werd betwist of het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel was geschonden.
Het hof stelde vast dat de naheffingsaanslag en boete in overeenstemming zijn met de nationale wetgeving en dat het verdedigingsbeginsel van het Unierecht alleen geldt bij bezwarende besluiten die op EU-recht zijn gebaseerd. Dit was hier niet het geval, zodat het verdedigingsbeginsel niet van toepassing is.
Het hof achtte de boete passend en wees het hoger beroep af. Er werd geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen. De uitspraak bevestigt de eerdere beslissing van de rechtbank.