ECLI:NL:GHARL:2019:9880
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen huurprijsvermindering wegens tocht in monumentale huurwoning
Partijen sloten een huurovereenkomst voor een monumentale woonboerderij, waarbij huurder eerder dan de overeengekomen datum de woning betrok en huur betaalde. Huurder vorderde terugbetaling van huur over de periode dat de woning nog niet gereed was en een huurprijsvermindering wegens ernstige tochtoverlast.
De kantonrechter wees de vorderingen tot terugbetaling en huurprijsvermindering af, behalve een gedeeltelijke terugbetaling van de waarborgsom. In hoger beroep stelde het hof vast dat de huurder op eigen verzoek eerder de woning betrok, terwijl hij wist dat verbouwingen nog niet voltooid waren. De latere plaatsing van een tweede keuken en schoorsteen vormde geen gebrek in de zin van de wet.
Verder concludeerde het hof dat hoewel de huurder tocht ervoer, dit niet voldeed aan de objectieve criteria voor een gebrek dat huurprijsvermindering rechtvaardigt. De verhuurder had bovendien diverse maatregelen genomen om de overlast te beperken. De grieven van de huurder faalden, de vonnissen werden bekrachtigd en de huurder werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de huurder af en bekrachtigt de vonnissen van de kantonrechter.