Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[geïntimeerde1] ,
[geïntimeerde2] ,
[geïntimeerde3] ,
[geïntimeerde4] ,
5.mr. Jan Smit,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De motivering van de beslissing in hoger beroep
- voor recht verklaard dat de eisen van redelijkheid en billijkheid met zich brengen dat de man geen aanspraak heeft op de helft van de ontbonden huwelijksgemeenschap;
- de wijze van verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap aldus vastgesteld dat alle vermogensbestanddelen die zijn vermeld op de producties 10 en 11 bij de procesinleiding worden toegedeeld aan de erfgenamen onder de verplichting alle schulden van de ontbonden huwelijksgemeenschap voor hun rekening te nemen;
- bepaald dat deze verdeling niet leidt tot overbedeling van de erfgenamen;
- de man en de vereffenaar veroordeeld mee te werken aan de door de rechtbank vastgestelde wijze van verdeling door het tekenen van de notariële akte van verdeling en levering overeenkomstig deze verdeling, waarin de voor het overige gebruikelijke verdelingsbepalingen staan;
- bepaald dat het vonnis in de plaats treedt van de medewerking van de man als hij na betekening van het vonnis weigert mee te werken aan deze veroordeling;
- de man veroordeeld in de proceskosten en deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard;
- bepaald dat de vereffenaar zijn eigen kosten draagt;
- het meer of anders gevorderde afgewezen.
- de vaststelling van de verdeling: de rechter verdeelt, de deelgenoten niet;
- het gelasten van de wijze van verdeling: de deelgenoten verdelen zelf, maar wel op de wijze die de rechter gelast; de rechter verdeelt niet zelf, maar geeft de regels voor de verdeling.
- een woning in [A] met een overwaarde van ongeveer € 200.000;
- de aandelen in een besloten vennootschap (holding), die alle aandelen hield in een andere besloten vennootschap (werkmaatschappij). In deze laatste B.V. exploiteerde erflaatster haar boekhandel. Erflaatster heeft de boekhandel op 17 januari 2008 verkocht voor € 325.000. Tot de activa van de holding behoort het winkelpand in [A] . Dit pand is verhuurd aan de nieuwe eigenaar van de boekwinkel tegen een huurprijs die in 2012 € 8.563 (inclusief omzetbelasting) bedroeg. De overwaarde van dit pand bedroeg in 2007 ruim € 650.000 en in 2012 € 940.000. In 2009 is door de holding een netto bedrag aan dividend uitgekeerd aan erflaatster van € 357.000 en in 2010 € 47.600;
- spaargeld van ongeveer € 30.000.
- verdachte kreeg in oktober 2011 en op 11 mei 2012 de beschikking over een hoeveelheid natriumazide, een gif dat maar zeer beperkt verkrijgbaar is;
- nadat verdachte in oktober 2011 de beschikking kreeg over de natriumazide werd mevrouw [slachtoffer] ziek;
- op 11 mei 2012 kreeg verdachte de beschikking over een tweede hoeveelheid natriumazide, kort daarna verslechterde de gezondheidstoestand van mevrouw [slachtoffer] sterk en op 13 mei 2012 is zij overleden;
- verdachte was als geen ander in de gelegenheid om mevrouw [slachtoffer] de natriumazide toe te dienen.