ECLI:NL:GHARL:2020:7032
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over onbillijke benadeling door non-concurrentiebeding bij chauffeur
Appellant was van 2012 tot 2020 internationaal chauffeur bij Meijndert Trucking en had een non-concurrentiebeding in zijn arbeidsovereenkomst dat hem verbood om binnen een jaar na beëindiging van het dienstverband bij een concurrent te werken. Na de overname van Meijndert Trucking trad appellant in maart 2020 in dienst bij concurrent Anne Transport.
Meijndert Trucking vorderde nakoming van het non-concurrentiebeding en betaling van een boete, terwijl appellant vernietiging of schorsing van het beding vorderde. De kantonrechter wees de vorderingen van Meijndert Trucking toe en wees die van appellant af.
In hoger beroep oordeelt het hof dat het non-concurrentiebeding geldig is, maar dat appellant door het beding onbillijk wordt benadeeld. Het hof stelt dat het beding bedoeld is om het bedrijfsdebiet te beschermen en niet om werknemers te binden. Meijndert Trucking heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat appellant over essentiële kennis beschikt die het bedrijfsdebiet schaadt.
Het belang van appellant om vrij te zijn in zijn arbeidskeuze en de aanzienlijke salarisachteruitgang wegen zwaarder dan het belang van Meijndert Trucking. Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter, wijst de vorderingen van Meijndert Trucking af, schorst het non-concurrentiebeding en veroordeelt Meijndert Trucking tot terugbetaling van reeds betaalde bedragen met rente en in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof schorst het non-concurrentiebeding en wijst de vorderingen van Meijndert Trucking af wegens onbillijke benadeling van appellant.