Uitspraak
[verzoeker],
Noorderpoort,
1.De procedure bij de kantonrechter
2.De procedure in hoger beroep
- het beroepschrift met een productie, door het hof ontvangen op 16 maart 2021;
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Verzoeker, sinds 1998 in dienst bij Noorderpoort en sinds 2014 ziekgemeld, vorderde schadevergoeding wegens het niet toekennen van een transitievergoeding bij beëindiging van zijn dienstverband. De kantonrechter wees zijn verzoeken af en veroordeelde verzoeker in de proceskosten.
In hoger beroep stelde Noorderpoort dat de procedure onjuist was gestart via een verzoekschrift, terwijl volgens artikel 69 Rv Pro de dagvaardingsprocedure van toepassing is. Verzoeker erkende dat zijn vorderingen niet onder de uitzonderingsbepalingen van artikel 7:686a BW vielen, maar betoogde dat Noorderpoort geen belang had bij het procesverweer.
Het hof oordeelde dat de vorderingen gebaseerd op artikel 7:611 BW Pro niet via verzoekschrift kunnen worden ingesteld en dat de procedure ambtshalve moet worden gecorrigeerd naar de dagvaardingsprocedure. De zaak wordt verwezen naar de rolzitting met een termijn voor verzoeker om zijn stellingen aan te passen en een verkorte termijn voor Noorderpoort om te reageren.
Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar de dagvaardingsprocedure en voortgezet met strikte termijnen voor het indienen van stukken.