Uitspraak
in eerste aanleg: verzoekster in het verzoek en verweerster in het tegenverzoek,
in eerste aanleg: verweerster in het verzoek en verzoekster in het tegenverzoek,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat centraal of de arbeidsovereenkomst tussen Stichting Antonius Zorggroep en een klinisch chemicus kan worden ontbonden ondanks het opzegverbod tijdens ziekte. De werknemer is sinds februari 2021 arbeidsongeschikt wegens een psychische aandoening, mede veroorzaakt door een verstoorde arbeidsverhouding. Antonius verzocht ontbinding op grond van een verstoorde arbeidsrelatie en omstandigheden die voortzetting onredelijk maken.
De kantonrechter wees het verzoek af omdat niet kon worden vastgesteld dat het ontbindingsverzoek losstaat van de ziekte van de werknemer. Het hof bevestigt dit oordeel en overweegt dat het opzegverbod van artikel 7:670 lid 1 BW Pro van toepassing is zolang de werknemer niet twee jaar ziek is en het ontbindingsverzoek na de ziekmelding is ingediend.
Antonius stelde dat uitzonderingen op het opzegverbod van toepassing zijn, namelijk dat het ontbindingsverzoek geen verband houdt met de ziekte of dat ontbinding in het belang van de werknemer is. Het hof oordeelt dat het ontbindingsverzoek wel verband houdt met de ziekte en dat er geen medische aanwijzingen zijn dat ontbinding in het belang van de werknemer is. De beschermingsgedachte achter het opzegverbod weegt zwaar, zodat de arbeidsovereenkomst moet voortduren.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter, wijst het ontbindingsverzoek af en veroordeelt Antonius in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst af vanwege het geldende opzegverbod tijdens ziekte.