ECLI:NL:GHARL:2022:4202
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Ch.E. Bethlem
- S.M. Evers
- J.G.J. Rinkes
- Rechtspraak.nl
Koopgarant-zaak: beroep op dwaling en tekortkoming faalt, geen onrechtmatig handelen
De zaak betreft een koopgarantovereenkomst gesloten in 2008 tussen appellant en woningcorporatie DGW voor de aankoop van een appartement met een korting op de marktwaarde. Appellant stelt dat de marktwaarde destijds te hoog is vastgesteld, waardoor hij te veel heeft betaald, en vordert vergoeding op grond van dwaling, tekortkoming en onrechtmatig handelen.
De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de taxatieprocedure in overeenstemming was met de gangbare praktijk en de vorderingen van appellant afgewezen. Het hof bevestigt dat het beroep op dwaling niet slaagt omdat appellant onvoldoende feitelijke onderbouwing levert en niet kan aantonen dat hij bij juiste voorstelling van zaken de koop niet zou hebben gesloten. De verjaring van de tekortkomingsvordering wordt vastgesteld, waardoor deze niet ontvankelijk is.
Voorts oordeelt het hof dat de Koopgarantbepalingen, waaronder de waardeverklaring, geen oneerlijke algemene voorwaarden zijn en voldoen aan het transparantievereiste van Richtlijn 93/13/EEG. Ook is geen sprake van een oneerlijke handelspraktijk volgens Richtlijn 2005/29/EG. Het beroep op onrechtmatig handelen wordt eveneens afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.
Het hoger beroep wordt verworpen, de vonnissen van de rechtbank worden bekrachtigd en appellant wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de vonnissen van de rechtbank worden bekrachtigd.