Snel Materieel & Verhuur B.V. had haar wagenpark verzekerd via Finn Adviseurs B.V. bij HDI. Toen HDI de verzekering na 2017 niet wilde verlengen, stelde Finn een offerte van Amlin voor met een premie die ruim 80% hoger was. Snel accepteerde deze offerte, maar betaalde moeite met de premie. Eind 2018 sloot Snel zelf een goedkopere verzekering af bij TVM. Snel stelde Finn aansprakelijk voor het verschil in premie over 2018, omdat Finn haar niet tijdig had geïnformeerd over het bestaan van een alternatief.
De rechtbank kende Snel de gevorderde schadevergoeding toe. In hoger beroep bevestigde het hof dat Finn tekort was geschoten in haar zorgplicht door Snel pas laat te informeren en slechts één dure offerte aan te bieden, waardoor Snel geen reële mogelijkheid had om een alternatief te zoeken. Finn was op de hoogte van de opzegging door HDI, maar deelde dit niet met Snel.
Het hof oordeelde dat de polis van TVM mogelijk verschilde qua dekking en aantal voertuigen, wat relevant is voor de schadeberekening. Ook het betoog van Finn dat Snel onvolledig informatie gaf aan TVM werd verworpen. De zaak wordt verwezen voor deskundigenonderzoek om de juiste schadeomvang vast te stellen, waarbij partijen zich over de deskundige en de vragen mogen uitlaten. De beslissing over de schadevergoeding wordt aangehouden.