ECLI:NL:GHARL:2023:1291
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst wegens drugsactiviteiten en sluiting woning
In deze zaak staat centraal of verhuurder Portaal de huurovereenkomst met huurder buitengerechtelijk mocht ontbinden op grond van artikel 7:231 lid 2 BW Pro tijdens de sluiting van de woning op basis van artikel 13b Opiumwet. De woning was feitelijk gesloten van 27 juli tot 27 oktober 2021 vanwege de aanwezigheid van een handelshoeveelheid soft- en harddrugs.
De kantonrechter had de ontbinding per 16 september 2021 rechtsgeldig verklaard en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van een gebruiksvergoeding. Het hof bevestigt dit oordeel en wijst het hoger beroep van de huurder af. Het hof gaat uit van de juistheid van de bestuursrechtelijke besluiten tot sluiting en oordeelt dat voor buitengerechtelijke ontbinding geen tekortkoming van de huurder vereist is.
De huurder stelde dat hij geen drugs verhandelde en dat de besluiten onterecht waren, maar dit had hij in een bestuursrechtelijke procedure moeten aanvechten. Het hof oordeelt dat Portaal geen misbruik van bevoegdheid heeft gemaakt en dat de ontbinding niet in strijd is met redelijkheid en billijkheid. Portaal had een legitiem belang om drugsactiviteiten tegen te gaan en had de huurder gewaarschuwd. Het aanbod van een alternatieve woning werd door de huurder niet geaccepteerd.
Het hof veroordeelt de huurder tot betaling van de proceskosten in hoger beroep. De buitengerechtelijke ontbinding eindigde per 16 september 2021, waarna de huurder een gebruiksvergoeding verschuldigd was tot ontruiming.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de buitengerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst per 16 september 2021 en veroordeelt de huurder tot ontruiming, betaling van gebruiksvergoeding en proceskosten.