Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep,
- de memorie van grieven,
- de memorie van antwoord,
- het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellante vorderde schadevergoeding omdat haar motorboot zonder haar toestemming aan derden zou zijn verkocht door de bootverkoper. Het hof volgde het oordeel van de kantonrechter dat de boot niet aan appellante was geleverd en dat er geen koopovereenkomst met haar bestond.
De motorboot was in augustus 2012 verkocht aan de partner van appellante, die de koopprijs deels met een inruilboot verrekende. De registratie bij de RDW op naam van appellante vond pas in maart 2013 plaats, zonder dat dit eigendomsoverdracht bewijst.
Appellante kon onvoldoende concrete feiten aanvoeren die haar eigendom stelden vast te stellen. Het hof oordeelde dat de verkoop en levering aan de partner had plaatsgevonden en dat de bootverkoper niet onrechtmatig had gehandeld. Het hoger beroep werd afgewezen en appellante werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de schadevordering van appellante af en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.