Uitspraak
[appellant]
Weener XL
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze zaak betreft een arbeidsrechtelijk geschil met internationale aspecten waarbij de werknemer woonachtig is in het buitenland. De kantonrechter had de arbeidsovereenkomst ontbonden en de werknemer veroordeeld in de proceskosten, maar de werknemer betwistte de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en stelde dat hij niet correct was opgeroepen.
Na verwijzing door de Hoge Raad heeft het hof de bevoegdheid van de kantonrechter en zichzelf ambtshalve getoetst aan de hand van Verordening Brussel I-bis. Het hof oordeelt dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is omdat de werknemer woonachtig is in een andere lidstaat en niet is verschenen, waardoor de uitzondering van artikel 26 lid 1 niet Pro van toepassing is.
Daarom vernietigt het hof de beschikking van de kantonrechter en verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep. De proceskosten in eerste aanleg komen voor rekening van de werkgever, en de kosten in hoger beroep worden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof verklaart de kantonrechter en zichzelf onbevoegd en vernietigt de beschikking van 24 juli 2019.