Uitspraak
en bij de kantonrechter optrad als verzoekende partij en als verwerende partij in het voorwaardelijk tegenverzoek,
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
de bestreden beschikking.Het procesverloop in hoger beroep blijkt uit:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De werknemer trad in november 2022 in dienst bij Veldhuizen Gevelrenovatie B.V. als voeger. In juli 2024 ontdekte de werkgever dat gereedschappen, waaronder een combihamer, vermist waren en dat een combihamer via het Marktplaats-account van de werknemer te koop werd aangeboden. Op 31 juli 2024 werd de combihamer bij de werknemer thuis aangetroffen en werd hij op staande voet ontslagen.
De werknemer stelde zich op het standpunt dat het ontslag niet aan de wettelijke eisen voldeed, met name dat het niet onverwijld was gegeven en dat geen dringende reden bestond. Hij vorderde onder meer een transitievergoeding en billijke vergoeding. Het hof oordeelt dat het ontslag onverwijld is gegeven nadat de werkgever op 30 juli 2024 het vermoeden kreeg en op 31 juli 2024 de eigendom aantrof.
Het hof bevestigt dat het te koop aanbieden van eigendom van de werkgever een dringende reden vormt voor ontslag op staande voet. De stellingen van de werknemer over alternatieve scenario's worden niet geloofwaardig bevonden. Verder is geen sprake van onregelmatig ontslag en is het vertrouwen tussen partijen ernstig geschaad, waardoor geen transitievergoeding of billijke vergoeding wordt toegekend.
Het hoger beroep wordt verworpen en de werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag op staande voet wordt bevestigd als rechtsgeldig zonder toekenning van vergoedingen.