Uitspraak
[naam1]woont in [woonplaats1]
1.[geintimeerde1]
[naam2]
Govaert Makelaardij B.V.
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep van Koopster
- de memorie van grieven van Koopster, tevens houdende wijziging van eis
- de memorie van antwoord van Verkoopster, tevens antwoordakte op de wijziging van eis
- de memorie van antwoord tevens voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van de Makelaar
- de memorie van antwoord van Koopster in het incidenteel hoger beroep van de Makelaar
- de verslagen (processen-verbaal) van de mondelinge behandeling in hoger beroep op 8 juli 2025 en 27 november 2025. Op de zitting van 27 november 2025 is bepaald dat er een arrest zal worden uitgesproken. Dat is dit arrest.
2.De kern van de zaak
Volgens Koopster heeft Verkoopster wanprestatie gepleegd omdat het gebruik van een bedrijfswoning ten opzichte van een normale (burger-)woning is beperkt. Naast Verkoopster is de Makelaar hoofdelijk aansprakelijk voor de gevolgen van de gebruiksbeperkingen omdat de Makelaar onrechtmatig heeft gehandeld door in de koopovereenkomst te laten opnemen dat de woning als particuliere woning kan worden gebruikt.
3.Het oordeel van het hof
(1) zou vaststellen (voor recht zou verklaren) dat Verkoopster wanprestatie heeft gepleegd en verplicht is om de schade te vergoeden die Koopster daardoor heeft geleden
feitelijkeeigenschappen van de woning. Koopster stelt dat sprake is van schending van dit artikel omdat zij volgens het bestemmingsplan niet mocht wonen in de woning. Koopster heeft daarbij geen aandacht gegeven aan een essentieel woord (‘feitelijke’), waarmee lijkt te zijn bedoeld dat de beschrijving ‘woonruimte voor particulier gebruik’ geen betrekking heeft op de juridische (al of niet omgevingsrechtelijke-) status van dat gebruik. Die status beperkt het feitelijk bewonen van het perceel met de daarop gebouwde woning niet. Dat was anders in de gevallen die Koopster noemt met haar beroep op jurisprudentie over het NVM-modelcontract. In de gevallen die Koopster noemt ging het om lekkende daken, vochtproblemen, verzakkingen en scheuren. Ook de (on)mogelijkheid om na sloop van een bestaande woning twee half-vrijstaande woningen te bouwen betreft een feitelijk gebruik van het verkochte perceel. Dat artikel 6.3 van de overeenkomst gaat over een ‘normaal’ gebruik, maakt niet dat partijen in dit artikel een garantie mochten lezen dat bewoning strikt legaal zou zijn en dat daarvoor niet nodig was dat de gemeente de illegale situatie zou gedogen.