ECLI:NL:GHARL:2026:2980
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vernietiging effectenleaseovereenkomst en verjaring vernietigingsrecht
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of de echtgenote van de afnemer het vernietigingsrecht had uitgeoefend binnen de verjaringstermijn voor een effectenleaseovereenkomst en de verlengde overeenkomst met Dexia. De echtgenote had de overeenkomsten vernietigd wegens het ontbreken van haar schriftelijke toestemming. Het hof heeft vastgesteld dat het vernietigingsrecht ten aanzien van de oorspronkelijke overeenkomst verjaard is, omdat de echtgenote al vóór 13 maart 2000 bekend was met het bestaan van die overeenkomst.
Het hof baseert dit oordeel op de verklaringen van de afnemer en zijn echtgenote, die onder ede hebben verklaard over hun financiële situatie, de communicatie over de contracten en het gebruik van bankrekeningen. Hoewel de afnemer stelde dat hij het contract geheim hield voor zijn echtgenote, acht het hof dit niet geloofwaardig gezien de omvang van de financiële belangen en de omstandigheden.
Ten aanzien van de verlengde overeenkomst erkent Dexia dat deze door de echtgenote rechtsgeldig is vernietigd en moet Dexia een bedrag van € 2.993,60 plus wettelijke rente aan de afnemer betalen. Het hof vernietigt de eerdere vonnissen van de kantonrechter, verklaart dat Dexia aan haar verplichtingen heeft voldaan na betaling van dit bedrag, en veroordeelt de afnemer tot terugbetaling van teveel ontvangen bedragen. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat het vernietigingsrecht ten aanzien van de oorspronkelijke overeenkomst is verjaard, maar dat Dexia een bedrag moet betalen voor de verlengde overeenkomst.