Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[appellant1]
2. [appellant2]
3. [appellant3]
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- het oproepingsexploot van 14 augustus 2024
- de memorie na verwijzing van [appellanten]
- de antwoordmemorie na verwijzing van IDL
- het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op 23 september 2025 is gehouden
- de aktes van beide partijen van 28 oktober 2025.
2.De kern en omvang van de zaak na verwijzing
3.Het oordeel van het hof
Op deze arbeidsovereenkomst zijn verder van toepassing de bepalingen zoals vastgelegd in de van kracht zijnde Collectieve Arbeidsovereenkomst voor het Beroepsgoederenvervoer over de Weg” (het dynamisch incorporatiebeding).
In overleg met de Ondernemingsraad/Klankbordgroep is overeengekomen dat de verhoging van 2,75% volgens de CAO-TLN per 1-1-2016 zal worden toegekend. Daarna zullen salarisverhogingen afhankelijk zijn van bedrijfsresultaten.”
in aanmerking nemende:
- [appellanten] heeft het recht om zich op het dynamische incorporatiebeding te beroepen verwerkt
-het dynamisch incorporatiebeding heeft haar werking verloren
van kracht” uit het beding zien niet op de geldigheidsduur van de cao maar op de werkingssfeer. Als de bedrijfsactiviteiten zodanig wijzigen dat de betreffende cao niet meer van toepassing (van kracht) is, eindigt de contractuele binding aan de cao. [appellant2] en [appellant3] werkten feitelijk bij Hermex. De Hermex-activiteiten richtten zich op warehousing en niet op transport, zodat al ruim voorafgaande aan de overname het dynamisch incorporatiebeding haar werking had verloren. In elk geval was dat vanaf de overname per 1 april 2015 het geval, omdat de bedrijfsactiviteiten van IDL niet onder de werkingssfeer van de cao vallen. Omdat het dynamisch incorporatiebeding geen recht meer gaf op toepassing van de cao hebben [appellant2] en [appellant3] daar dus ook geen afstand van gedaan, aldus IDL.
nade overgang van de onderneming afstand van rechten kunnen doen (zie het verwijzingsarrest onder 4.2). De werknemer behoort immers niet in de positie gebracht te worden waarin een verkrijger het behoud van de arbeidsovereenkomst bij de overgang afhankelijk stelt van instemming van de werknemer met verslechtering van zijn arbeidsvoorwaarden. Uit de considerans van de door IDL aan de bij de overgang van de onderneming betrokken werknemers voorgelegde arbeidsovereenkomsten volgt dat deze zijn gesteld in de sleutel van die overgang (zie 3.6 van dit arrest). Zo worden de over te nemen activiteiten uitdrukkelijk genoemd en wordt aangegeven dat IDL met de OR en Klankbordgroep van de overdragende partij Hermex/Mol afspraken heeft gemaakt over de arbeidsvoorwaarden zoals die vanaf 1 april 2015, de datum van overgang, gaan gelden voor de werknemers die overgaan naar IDL. Daarmee is al duidelijk dat de wijziging van de arbeidsvoorwaarden door het voorleggen van een nieuwe arbeidsovereenkomst
wegensde overgang van de onderneming was. IDL voert wel aan dat er een economische noodzaak was om nieuwe arbeidsvoorwaarden af te spreken (ETO-redenen), maar dat is niet onderbouwd en doet er bovendien niet aan af dat sprake is van wijziging van de arbeidsovereenkomst wegens de overgang van de onderneming.
a. bij IDL het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat [appellanten] de aanspraak niet (meer) geldend zal maken, of
b. IDL in haar positie onredelijk zou worden benadeeld in geval [appellanten] de aanspraken alsnog geldend zou maken.
Omdat het hier gaat om de dwingendrechtelijke bescherming van werknemers bij overgang van een onderneming en deze regeling van openbare orde is, legt de toch al terughoudende toets die gehanteerd moet worden extra gewicht in de schaal. Voor werknemers geldt bovendien dat sprake is van een gezagsverhouding die van invloed is op de (on)mogelijkheid om zich op rechten te beroepen ten opzichte van de werkgever. Dit betekent dat de lat voor een geslaagd beroep op rechtsverwerking in deze zaak zeer hoog ligt.
4.De beslissing
- aan [appellant2] van een bedrag ter hoogte van € 4.707,04 bruto
- € 720,-aan salaris van de advocaat van [appellanten]