Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
De beoordeling
- de inleidende beschikking is op 18 augustus 2023 verzonden aan de betrokkene;
- de gemachtigde heeft op 24 augustus 2023 administratief beroep ingesteld. Dit beroepschrift bevat onder meer de grond dat de betrokkene de gedraging ontkent. Ook is hierin verzocht om een termijn om de gronden aan te vullen en te worden gehoord;
- per brief van 18 december 2023 heeft de officier van justitie de gemachtigde uitgenodigd voor een hoorzitting op 19 januari 2024 en hem bericht dat hij tijdens het horen de gelegenheid krijgt zijn gronden aan te vullen. Daarbij is vermeld dat als de gemachtigde de gronden schriftelijk wil aanvullen, hij de gelegenheid krijgt de gronden binnen vier weken na dagtekening van de brief in te dienen;
- de gemachtigde heeft op de hoorzitting op 19 januari 2024 de gronden van het beroep mondeling aangevuld;
- per brief van 11 januari 2024 is de beslistermijn met tien weken verlengd;
- bij brief van 1 april 2024, door de officier van justitie ontvangen op 4 april 2024, heeft de gemachtigde de officier van justitie in gebreke gesteld;
- op 10 juni 2024 heeft de officier van justitie op het beroep beslist.
ookwordt opgeschort in de situatie dat het beroepschrift wel gronden bevat, maar de gemachtigde heeft verzocht om een termijn om de gronden aan te vullen. [5] Dat de gemachtigde vervolgens een termijn wordt geboden om de gronden aan te vullen middels de uitnodiging voor de hoorzitting en dat de gronden op de hoorzitting(en) zijn aangevuld, doet aan de opschortende werking niet af. Het hof overweegt hierbij dat in de brief van 18 december 2023 immers ook een termijn is geboden om de gronden voorafgaande aan de hoorzitting schriftelijk aan te vullen. De verwijzing naar de uitspraken van de rechtbanken Rotterdam van 2 april 2025 en Amsterdam van 24 juli 2025 treffen geen doel, omdat geen sprake is van vergelijkbare zaken. Ook de stelling dat uit de brief van 18 december 2023 niet duidelijk blijkt dat de beslistermijn daarmee wordt opgeschort treft geen doel, nu de gemachtigde in deze zaak zelf om een termijn voor het aanvullen van de gronden heeft verzocht.