ECLI:NL:GHARN:2005:AT6083
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.M. de Kroon
- mr. Den Ouden
- mr. Van Suilen
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling loon in zicht van VUT en bijtelling privéauto
Belanghebbende, geboren in 1937, was in 1998 in dienst bij zijn werkgever maar vrijgesteld van werkzaamheden in de periode van 1 januari tot 1 november 1998, de ingangsdatum van zijn VUT. Hij bleef zijn loon ontvangen zonder arbeid te verrichten. Tevens werden hem twee auto’s ter beschikking gesteld die hij privé gebruikte.
De Inspecteur corrigeerde het door belanghebbende opgegeven belastbaar inkomen en bracht aftrek van beroepskosten terug tot het forfaitaire bedrag voor inkomsten uit vroegere arbeid. Ook werd een privévoordeel van ƒ 20.000 voor de auto’s bij het inkomen geteld. Belanghebbende betwistte deze correcties en de opgelegde vergrijpboete van 50%.
Het Hof oordeelde dat loon in de periode zonder arbeid als inkomsten uit vroegere arbeid moet worden aangemerkt, waardoor het arbeidskostenforfait van toepassing is. Het privévoordeel van de auto’s is terecht vastgesteld op basis van economische waarde en niet op besparingswaarde. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel faalde. De vergrijpboete is passend omdat belanghebbende bewust onjuiste aangifte deed.
Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 159.184, handhaafde de boetebeschikking en veroordeelde de Staat tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Aanslag verminderd tot belastbaar inkomen van ƒ 159.184, boetebeschikking van 50% gehandhaafd.