ECLI:NL:GHARN:2005:AT9348
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt grove schuld bij onvolledige opgave aandelentransactie en vermindert vergrijpboete
Belanghebbende, een accountmanager, was betrokken bij de aan- en verkoop van certificaten van aandelen van een financieel moeilijk bedrijf. Hij verkreeg 360.000 certificaten om niet en vervreemdde deze later, waarbij een voordeel van ruim 1,5 miljoen gulden werd vastgesteld. In zijn aangifte vermogensbelasting gaf hij een aanzienlijke toename van zijn vermogen aan, toegeschreven aan waardestijgingen van aandelen.
Na een onderzoek legde de Inspecteur een navorderingsaanslag op wegens onjuiste opgave, met een verhoging van 100%. Belanghebbende maakte bezwaar, waarna de aanslag en verhoging werden verminderd. De zaak kwam uiteindelijk bij het Gerechtshof Arnhem na verwijzing door de Hoge Raad.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende en zijn gemachtigde niet alle relevante feiten aan de Inspecteur hadden gemeld en daardoor lichtvaardig hadden gehandeld. Dit leidde tot grove schuld en rechtvaardigde een vergrijpboete van 25%. Vanwege overschrijding van de redelijke termijn werd deze verhoging verminderd tot 15%. Tevens werden proceskosten van €20 aan belanghebbende toegekend.
De Hoge Raad had eerder geoordeeld dat er geen opzet was, maar verwees de zaak terug voor beoordeling van grove schuld. Het Hof volgde dit en stelde vast dat de complexiteit van de zaak geen excuus was voor het niet volledig informeren van de Inspecteur.
De uitspraak bevestigt het belang van volledige transparantie bij belastingaangiften en benadrukt dat grove schuld kan leiden tot aanzienlijke boetes, ook zonder opzet.
Uitkomst: Vergrijpboete van 25% opgelegd, verminderd tot 15% wegens termijnoverschrijding, navorderingsaanslag bevestigd.