ECLI:NL:GHARN:2006:AZ9794
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Makkink
- Steeg
- Dozy
- Rechtspraak.nl
Vergoeding schade door operatiefout en economische neergang bij beëindiging onderneming
In deze civiele zaak stond de vraag centraal in hoeverre een medische operatiefout en economische omstandigheden hebben bijgedragen aan de beëindiging van een onderneming per 1 mei 2003 en de daaruit voortvloeiende schade.
Het hof stelde vast dat appellante als gevolg van een operatiefout een blijvende invaliditeit van 18% heeft opgelopen, wat haar beperkte in haar werkzaamheden. Tegelijkertijd speelde een economische neergang in de branche, mede door schaalvergroting en recessie, een belangrijke rol. Het hof oordeelde dat beide factoren samen het einde van de onderneming hebben veroorzaakt, waarbij de economische neergang zwaarder woog in een verhouding van 2:1.
Verder werd geoordeeld dat het ziekenhuis aansprakelijk is voor de schade ondanks dat de operatiefout plaatsvond vóór de inwerkingtreding van artikel 7:462 BW Pro, omdat MediRisk namens het ziekenhuis aansprakelijkheid had erkend, wat de verjaring heeft gestuit.
De schadevergoeding werd berekend op basis van het gederfde DGA-salaris, met een contante waarde van circa €73.454, waarvan een derde door het ziekenhuis moet worden vergoed. Daarnaast werden diverse materiële en immateriële schadeposten toegewezen met wettelijke rente, onder aftrek van reeds betaalde voorschotten.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed zelf uitspraak, waarbij het ziekenhuis werd veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding en wettelijke rente, met een verklaring voor recht omtrent een belastinggarantie. Beide partijen werden in het ongelijk gesteld en droegen hun eigen kosten.
Uitkomst: Het hof wijst gedeeltelijke schadevergoeding toe aan appellante wegens operatiefout en economische neergang en veroordeelt Ziekenhuis Rijnstate tot betaling van €24.484,67 plus wettelijke rente.