ECLI:NL:GHARN:2009:BK4804
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag omzetbelasting wegens niet-gemene-rekening kosten en niet in Nederland verrichte diensten
Belanghebbende, gevestigd in het Verenigd Koninkrijk, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de jaren 2000 tot en met 2002. De Inspecteur stelde dat de door de Luxemburgse vennootschap A aan belanghebbende in rekening gebrachte bedragen omzetbelastingplichtige vergoedingen voor diensten waren. Belanghebbende betwistte dit en stelde dat het ging om kosten voor gemene rekening.
Na eerdere procedures vernietigde de Hoge Raad het vonnis van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem. Dit hof onderzocht of sprake was van kosten voor gemene rekening en of de diensten in Nederland waren verricht.
Het hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat A zelf een deel van de kosten droeg, zodat geen sprake was van kosten voor gemene rekening. Daarnaast concludeerde het hof dat de door A verrichte diensten niet uitsluitend bestonden uit advies of reclame zoals bedoeld in de Wet op de omzetbelasting, maar een bredere dienstverlening vormden die niet in Nederland was verricht.
Op grond hiervan verklaarde het hof het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, en verminderde de naheffingsaanslag tot €72.100. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Gerechtshof Arnhem verklaart het beroep gegrond en vermindert de naheffingsaanslag omzetbelasting tot €72.100.