ECLI:NL:GHARN:2011:BP3289
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J. van de Merwe
- A.J. Kromhout
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2003 na toepassing tbs-regeling
Belanghebbende werd voor het jaar 2003 een primitieve aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd. Deze aanslag werd later geconverteerd in een navorderingsaanslag nadat in 2007 alsnog aangifte werd gedaan over de jaren 2002 tot en met 2005.
Het geschil in hoger beroep betrof de vraag of de primitieve aanslag uit 2007 als navorderingsaanslag kon worden aangemerkt. Belanghebbende stelde dat conversie alleen mogelijk is bij een nieuw feit op het moment van conversie, terwijl de inspecteur betoogde dat het moment van oplegging van de primitieve aanslag bepalend is.
Het hof oordeelde dat het moment waarop de termijn voor het opleggen van de aanslag verloopt, hier 31 december 2006, bepalend is voor de beoordeling van het nieuwe feit. Omdat de inspecteur pas in juli 2007 bekend werd met het feit dat belanghebbende onder de tbs-regeling viel, was sprake van een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde.
Daarom is de aanslag terecht als navorderingsaanslag opgelegd en is het hoger beroep ongegrond verklaard. Ook de heffingsrente blijft in stand omdat daartegen geen afzonderlijke grieven zijn aangevoerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2003 wordt bevestigd.