ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0614
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting fiscale eenheid en afwijzing aftrek voorbelasting verbouwing woongedeelte
Belanghebbende, een fiscale eenheid bestaande uit X Holding BV en X, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag omzetbelasting over het tijdvak 1 oktober 2004 tot en met 31 december 2006. De naheffingsaanslag en de daarbij behorende boete en heffingsrente waren het gevolg van een boekenonderzoek naar de aftrek van voorbelasting op verbouwingskosten van een pand dat deels werd verhuurd met en deels zonder omzetbelasting.
De fiscale eenheid stelde in hoger beroep dat de naheffingsaanslag onterecht was opgelegd omdat de fiscale eenheid nooit tot stand was gekomen en dat de voorbelasting op de verbouwing van het woongedeelte aftrekbaar moest zijn. Het hof oordeelde dat de fiscale eenheid rechtsgeldig was aangewezen en dat de naheffingsaanslag terecht aan de fiscale eenheid was opgelegd. Daarnaast stelde het hof vast dat de verbouwingskosten van het woongedeelte geen rechtstreeks en onmiddellijk verband hielden met belaste prestaties, waardoor de voorbelasting daarop niet aftrekbaar was.
Het hof verwierp het verweer dat de verbouwingskosten via huurverhoging aan de uitbater van het restaurant waren doorbelast, omdat dit niet aannemelijk was gemaakt. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag aan de fiscale eenheid wordt bevestigd.