ECLI:NL:GHARN:2012:BY3255
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag vennootschapsbelasting 2003 ondanks niet-ingediende aangifte en discussie over feitelijke leiding
Belanghebbende, een Nederlandse vennootschap met agrarisch bedrijf, had voor het jaar 2003 geen aangifte vennootschapsbelasting ingediend. De Inspecteur legde daarop een aanslag van €1.800.000 op, inclusief heffingsrente en een verzuimboete wegens het niet tijdig doen van aangifte. De Rechtbank had de aanslag verminderd tot €300.000 en de boete verlaagd.
In hoger beroep betoogde belanghebbende onder meer dat de aanslag niet tijdig was opgelegd, dat de feitelijke leiding in Portugal was gevestigd en dat de Inspecteur haar het vertrouwen had gegeven dat geen aanslag zou worden opgelegd. Het Hof oordeelde dat de aanslag tijdig was opgelegd, mede door uitstel van aangifte, en dat belanghebbende gehouden was aangifte te doen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde wegens gebrek aan bewijs.
Verder stelde het Hof vast dat belanghebbende ondanks de stelling dat de feitelijke leiding in Portugal was gevestigd, nog steeds een vaste inrichting in Nederland had vanwege eigendom van onroerende zaken en administratieve aanwezigheid. De Inspecteur had de vrijval van een vervangingsreserve in 1997 terecht meegenomen en de aanslag was gebaseerd op een redelijke schatting. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden aan de Inspecteur opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de aanslag vennootschapsbelasting 2003 van €1.800.000 inclusief boete en rente en verklaart het hoger beroep ongegrond.