ECLI:NL:GHDHA:2014:3812
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep studielening Curaçao: matiging buitengerechtelijke kosten en rente
De Stichting Studiefinanciering Curaçao vordert terugbetaling van een studielening van ANG 9.222,50 plus rente en incassokosten van [geïntimeerde], die in Nederland woont. De kantonrechter wees de hoofdsom en rente toe, maar wees de buitengerechtelijke incassokosten af vanwege strijd met de Nederlandse Wet op het Consumentenkrediet (WCK).
In hoger beroep stelt het hof vast dat het Curaçaose recht van toepassing is, niet de WCK, omdat de overeenkomst een rechtskeuze bevatte en de Nederlandse Antillen per 2010 zijn opgehouden te bestaan. De Stichting kan daarom aanspraak maken op de incassokosten, maar het hof oordeelt dat de gevorderde kosten onredelijk hoog zijn en matigt deze tot € 363,-.
Ook de contractuele rente van 10% per jaar wordt als onaanvaardbaar hoog beoordeeld onder Curaçaos recht. Het hof bevestigt echter de matiging tot het maximale percentage dat de kantonrechter reeds toepaste, omdat de Stichting niet slechter mag worden van haar hoger beroep.
Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter voor zover de buitengerechtelijke kosten zijn afgewezen, veroordeelt [geïntimeerde] tot betaling van € 363,- incassokosten, bekrachtigt het vonnis voor het overige en compenseert de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof vernietigt gedeeltelijk het vonnis en matigt de buitengerechtelijke incassokosten tot € 363,- en bevestigt de rente zoals door de kantonrechter toegewezen.