E-Quale en SH sloten een managementovereenkomst met een concurrentiebeding en boetebeding. E-Quale vorderde betaling van contractuele boetes wegens overtreding van het concurrentiebeding door SH, alsmede afgifte van bescheiden. De rechtbank wees de vorderingen af. Het hof oordeelde dat SH onbetwist heeft bemiddeld voor twee projecten, waaronder een Scandinavische zzp’er en [betrokkene 1], en dat daarmee het concurrentiebeding is overtreden.
Het hof verwierp het verweer dat E-Quale afstand had gedaan van het concurrentiebeding ten aanzien van [betrokkene 1]. De vordering tot betaling van tweemaal €25.000 boete werd toegewezen, maar de vordering tot betaling van €2.500 per dag werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van voortdurende overtreding. De vordering tot afgifte van bescheiden werd eveneens afgewezen wegens gebrek aan rechtmatig belang.
SH’s overige verweren, waaronder misbruik van procesrecht, onredelijkheid van het concurrentiebeding en wijziging van arbeidsrelatie, werden verworpen. Het hof bepaalde dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt. Het arrest vernietigt het bestreden vonnis gedeeltelijk en bekrachtigt het verder.