ECLI:NL:GHDHA:2023:1114
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning na hoger beroep tegen aanslag onroerendezaakbelasting
Belanghebbende is eigenaar van een appartement dat voor het jaar 2020 is gewaardeerd op €355.000 door de Heffingsambtenaar van de gemeente Zuidplas. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank, die de aanslag onroerendezaakbelasting handhaafde, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Den Haag.
Het geschil betrof onder meer de juistheid van de WOZ-waarde, de tijdigheid en het gebruik van het verweerschrift, en de naleving van algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het Hof oordeelde dat de Heffingsambtenaar aannemelijk had gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld, onderbouwd met een taxatierapport en een waardematrix die systematische vergelijking met vergelijkbare woningen bevatte.
Het Hof verwierp de stellingen van belanghebbende over schending van het motiveringsbeginsel, zorgvuldigheidsbeginsel, gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel. Ook werd geoordeeld dat het bestuursorgaan niet verplicht was een verweerschrift in te dienen en dat de stukken tijdig waren ingediend zonder procesbelangschade voor belanghebbende.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 13 april 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €355.000 wordt bevestigd.