Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Zaaknummer rechtbank : 9957571 VZ VERZ 22-8689
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- het beroepschrift van 22 december 2022, met producties, waarbij [verzoeker] in hoger beroep is gekomen van de op 13 oktober 2022 tussen partijen gegeven beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam (hierna: de bestreden beschikking, of: de beschikking waarvan beroep);
- het verweerschrift van HGO, met een productie;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling op 20 juni 2023 ter zitting van het hof, waar mr. Van Overdam een pleitnota heeft overgelegd.
3.Feitelijke achtergrond
Door wederzijds goedvinden van werkgever en werknemer, op een gezamenlijk te bepalen tijdstip.
Tijdens de proeftijd zonder inachtneming van een opzegtermijn.
korter dan 5 dienstjaren: 1 maand;
5 dienstjaren of langer, maar korter dan 10 dienstjaren: 2 maanden;
10 dienstjaren of langer, maar korter dan 15 dienstjaren: 3 maanden;
15 dienstjaren of langer: 4 maanden;
4.Procedure bij de kantonrechter
- [verzoeker] te veroordelen om (na verrekening) een gefixeerde schadevergoeding aan HGO te betalen van € 9.363,56;
- [verzoeker] te veroordelen in de proceskosten.
- betaling van € 4.610,69 bruto (bestaande uit € 2.336,66 bruto vakantiegeld, € 450,56 bruto eindejaarsuitkering en € 1.823,47 bruto verlofsaldo), te vermeerderen met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente;
- afgifte van een deugdelijke vakantiespecificatie op straffe van een dwangsom;
- betaling van de buitengerechtelijke incassokosten van € 586,07 (exclusief btw);
- HGO te veroordelen in de proceskosten.
5.Verzoeken in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
tussentijdse opzegging, vergoeding en matiging
in zoverre opnieuw rechtdoende: