In deze civielrechtelijke arbeidszaak stond de vraag centraal of de werknemer fraude had gepleegd door gelden uit de kas van de werkgever te onttrekken. Na eerdere tussenarresten heeft het hof een deskundigenonderzoek gelast, waarbij de deskundige concludeerde dat de werknemer inderdaad 6.178.717,84 Roebel had onttrokken. De werknemer voerde verweren aan, maar deze werden door het hof verworpen vanwege onvoldoende onderbouwing en het overtuigende deskundigenrapport.
Het hof corrigeerde het eerder vastgestelde bedrag van ruim 9 miljoen Roebel naar 6,1 miljoen Roebel, wat leidde tot een lagere schadevergoeding van circa €88.914,43. Tevens herberekende het hof de buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten in overeenstemming met dit bedrag. De werknemer werd veroordeeld tot betaling van deze bedragen en de kosten van het hoger beroep.
De uitspraak bevestigt dat de werknemer als kassier verantwoordelijk was voor het beheer van de kas en administratie, en dat er geen aanwijzingen waren dat anderen toegang hadden tot de kas of administratie. Het hof vernietigde het vonnis voor zover het een hoger bedrag toekende dan het gecorrigeerde bedrag en wees de vorderingen in dat deel af. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.