ECLI:NL:GHDHA:2026:2349
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting 2021 na afwijzing bezwaar en hoger beroep wegens niet-toekenning aftrek specifieke zorgkosten en giftenaftrek
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2021, waarin aftrek van specifieke zorgkosten en giftenaftrek werd geweigerd. De Inspecteur had de ANBI-status van de betrokken instellingen met terugwerkende kracht ingetrokken, waardoor de giftenaftrek niet toekwam. De Rechtbank wees het beroep ongegrond en belanghebbende stelde hoger beroep in bij het Gerechtshof Den Haag.
Het Hof oordeelde dat de hoorplicht en het inzagerecht niet waren geschonden, aangezien belanghebbende meerdere malen in de gelegenheid was gesteld om gehoord te worden en gebruik te maken van inzage, wat hij niet heeft gedaan. De uitspraak op bezwaar was niet prematuur, mede omdat belanghebbende de verlenging van de beslistermijn had afgewezen.
De aftrek van specifieke zorgkosten werd geweigerd omdat belanghebbende onvoldoende bewijs leverde dat de kosten op hem hadden gedrukt en voldeden aan de wettelijke voorwaarden. De giftenaftrek werd eveneens geweigerd omdat de ANBI-status van de instellingen was ingetrokken en belanghebbende als bestuurder redelijkerwijs op de hoogte moest zijn van het ontbreken van de ANBI-status, waardoor sprake was van kwade trouw.
Het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de bezwaar- en beroepsfase binnen de wettelijke termijnen waren afgerond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de aanslag inkomstenbelasting 2021 en wijst het hoger beroep af wegens terecht geweigerde aftrek van specifieke zorgkosten en giftenaftrek.