ECLI:NL:GHLEE:2007:BB8885
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Geschil over naheffingsaanslag loonbelasting en heffingsrente inzake Poolse arbeidskrachten
Belanghebbende was aansprakelijk gesteld voor een naheffingsaanslag loonbelasting en heffingsrente over het inlenen van Poolse arbeidskrachten via een constructie met een Poolse spolka. De inspecteur had een naheffingsaanslag opgelegd aan A, de bemiddelaar, en belanghebbende werd hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor een deel van deze aanslag.
Het Hof stelde vast dat de Poolse arbeidskrachten feitelijk in dienst waren van A en dat A loonheffing had moeten inhouden en afdragen. De berekening van de naheffingsaanslag door de inspecteur was gebaseerd op het netto uurloon van ƒ11, het aantal gewerkte uren en een omrekeningsfactor. Belanghebbende had de uren en bedragen niet betwist, maar stelde dat het bruto-uurloon ƒ17,50 was. Het Hof vond de inspecteursberekening aannemelijk en verwierp de alternatieve berekeningen van belanghebbende.
Belanghebbende voerde ook aan dat de heffingsrente onterecht was berekend vanaf 31 maart 1998 en dat de inspecteur te laat was met het indienen van stukken. Het Hof oordeelde dat de beschikking heffingsrente van 4 mei 2000, waarin de rente werd verhoogd, niet rechtsgeldig was en vernietigde deze herzieningsbeschikking. De heffingsrente werd verminderd tot ƒ3.675. Verder was er geen sprake van schending van het beginsel van behoorlijk bestuur of procesrechtelijke schendingen.
Het beroep van belanghebbende was gegrond voor zover het de heffingsrente betrof, maar werd verder afgewezen. De proceskosten werden niet aan belanghebbende toegekend omdat de gemachtigde geen beroepsmatige rechtsbijstand verleende.
Uitkomst: Het beroep is gegrond voor de heffingsrente, die wordt verminderd tot ƒ3.675, en verder afgewezen.