ECLI:NL:GHLEE:2009:BK3727
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Zuidema
- De Hek
- Fikkers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering kennelijk onredelijk ontslag na reorganisatie en toepassing sociaal plan
De zaak betreft een hoger beroep van een werknemer die vordert dat zijn ontslag wegens reorganisatie kennelijk onredelijk wordt verklaard en dat hij een schadevergoeding ontvangt. De werknemer was sinds 1996 in dienst bij een meubelfabriek en werd door een reorganisatie overgeplaatst en uiteindelijk ontslagen. Hij was arbeidsongeschikt geraakt en ontving een WIA-uitkering.
De werknemer stelde dat zijn ontslag onredelijk was vanwege zijn leeftijd, arbeidsongeschiktheid, lange dienstverband en kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. Tevens voerde hij aan dat zijn functie uniek was en niet uitwisselbaar, en dat de werkgever onvoldoende had gezocht naar herplaatsing. Hij betoogde ook dat het sociaal plan onvoldoende compensatie bood en dat de hardheidsclausule niet was toegepast.
Het hof oordeelde dat de reorganisatie noodzakelijk was vanwege bedrijfseconomische omstandigheden en dat het ontslagvergunningproces correct was doorlopen. De functie van de werknemer kwam door de reorganisatie te vervallen, en het afspiegelingsbeginsel was niet van toepassing. De werknemer had onvoldoende onderbouwd dat herplaatsing mogelijk was. De medische stukken boden geen voldoende bewijs dat zijn psychische klachten door werkdruk waren veroorzaakt.
Het hof achtte het sociaal plan, ondanks de beperkte vergoeding, passend gezien de financiële situatie van de werkgever. De hardheidsclausule hoefde niet te worden toegepast. Gezien alle omstandigheden was het ontslag niet kennelijk onredelijk en werd de vordering afgewezen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag wordt afgewezen en het ontslag wordt bekrachtigd.