ECLI:NL:GHLEE:2011:BT6595
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kennelijk onredelijk ontslag verkoopster na 29 jaar dienst
De zaak betreft het hoger beroep tegen een vonnis van de kantonrechter Leeuwarden waarin het ontslag van een verkoopster, die 29 jaar in dienst was bij een eenmanszaak, als kennelijk onredelijk werd beoordeeld. De arbeidsovereenkomst werd opgezegd wegens sluiting van de damesmodeafdeling van de winkel, met toestemming van het UWV. De verkoopster was 60 jaar oud ten tijde van het ontslag en had geen passend alternatief werk.
In hoger beroep werd onder meer betwist of de B.V. waarin de eenmanszaak was ingebracht, als werkgever kon worden aangemerkt. Het hof oordeelde dat de B.V. niet als werkgever kon worden gezien omdat de inbreng plaatsvond nadat de verkoopster al uit dienst was. Het hof bevestigde dat de eenmanszaak, en daarmee de natuurlijke persoon, de werkgever was.
Het hof stelde vast dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege de ernstige gevolgen voor de werknemer, haar leeftijd en lange dienstverband, het ontbreken van flankerend beleid door de werkgever en het ontbreken van realistische kansen op ander passend werk. Het beroep op "Habe nichts" werd verworpen wegens onvoldoende inzicht in de financiële situatie van de werkgever.
De schadevergoeding werd door het hof gematigd tot €8.475 bruto, gebaseerd op 30% inkomensverlies gedurende een gewenningsperiode van twee jaar. De eerdere hogere vergoeding werd vernietigd. Verder werden de proceskosten in hoger beroep aan de zijde van de werknemer begroot op €1.156. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bevestigt kennelijk onredelijk ontslag en beperkt de schadevergoeding tot €8.475 bruto.