ECLI:NL:GHLEE:2011:BU6834
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over zelfstandigenaftrek en oudedagsreserve bij samenwerkingsverband garagebedrijf
Belanghebbende, medeondernemer in een garagebedrijf, maakte aanspraak op zelfstandigenaftrek en dotatie aan de oudedagsreserve voor het jaar 2006. De Inspecteur weigerde deze faciliteiten toe te kennen omdat belanghebbende niet aan het urencriterium zou voldoen en haar werkzaamheden hoofdzakelijk ondersteunend waren binnen een ongebruikelijk samenwerkingsverband.
De Rechtbank stelde belanghebbende in het gelijk, waarna de Inspecteur hoger beroep instelde. In hoger beroep voerde de Inspecteur aanvullend onderzoek uit bij klanten van belanghebbende, wat het Hof later als onzorgvuldig en onevenredig beoordeelde, waardoor het bewijsmateriaal uit dat onderzoek werd uitgesloten.
Het Hof concludeerde dat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat zij meer dan 1225 uren aan niet-ondersteunende werkzaamheden had besteed, waaronder verkoop, inkoop, planning en leiding, en dat deze gelijkwaardig waren aan die van haar medevennoten. De Inspecteur kon het urencriterium niet overtuigend betwisten. Het hoger beroep van de Inspecteur werd ongegrond verklaard en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur wordt ongegrond verklaard en belanghebbende behoudt recht op zelfstandigenaftrek en dotatie aan de oudedagsreserve.