ECLI:NL:GHLEE:2012:BX9673
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- K. Mollema
- M.E.L. Fikkers
- A.M. Koene
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loonvordering en wettelijke rente na beëindiging arbeidsovereenkomst
In deze zaak stond een loonvordering centraal na beëindiging van de arbeidsovereenkomst. De appellant vorderde betaling van achterstallig loon, vakantiebijslag en vergoeding voor niet-genoten vakantiedagen, inclusief wettelijke rente en wettelijke verhogingen. Het hof stelde vast dat het bruto bedrag van €12.211,14 voor loon en vakantiebijslag toewijsbaar was, evenals €1.875,01 voor niet-genoten vakantiedagen.
De discussie betrof met name de ingangsdatum van de wettelijke rente en de wettelijke verhoging. Het hof oordeelde dat de wettelijke rente over het achterstallige loon en vakantiebijslag vanaf 1 juli 2009 verschuldigd is, de dag na het einde van de arbeidsovereenkomst. Voor de wettelijke verhoging over de niet-genoten vakantiedagen geldt de dag van dagvaarding als ingangsdatum, omdat geen ingebrekestelling was gegeven.
Daarnaast werd een dwangsom van €50 per dag, tot maximaal €5.000, opgelegd voor het niet tijdig verstrekken van correcte salarisspecificaties en jaaropgaven. Het hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en wees de vorderingen gedeeltelijk toe, waarbij reeds betaalde bedragen in mindering werden gebracht. De kosten van het geding werden aan de zijde van appellant toegewezen.
Uitkomst: Het hof wijst de loonvordering en vergoeding voor niet-genoten vakantiedagen toe met wettelijke rente vanaf 1 juli 2009 en legt een dwangsom op voor het niet verstrekken van salarisspecificaties.