ECLI:NL:GHSGR:2008:BD8631
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling rente lening voor verbetering eigen woning in 2001
Belanghebbende had in 1983 een doorlopend krediet afgesloten voor verbetering en onderhoud van zijn eigen woning. In 2001 bracht hij de betaalde rente van deze lening in mindering op zijn voordelen uit eigen woning bij de inkomstenbelasting. De Inspecteur weigerde deze rente als aftrekbaar te erkennen, omdat betwist werd of het saldo van de lening in 2001 nog steeds was toe te rekenen aan woningverbeteringen.
Na eerdere procedures bij het Gerechtshof Amsterdam en een vernietiging door de Hoge Raad, verwees deze zaak terug naar het Gerechtshof 's-Gravenhage. Het hof stelde vast dat de bewijslast bij belanghebbende lag om aan te tonen dat de lening in 2001 nog steeds geheel of gedeeltelijk was veroorzaakt door uitgaven voor woningverbetering.
Belanghebbende verklaarde geloofwaardig dat aflossingen op de lening steeds opnieuw werden aangewend voor woningonderhoud en verbetering. Ook gaf hij aan dat eerdere keuzes omtrent renteaftrek niet weloverwogen waren. Het hof concludeerde dat de lening in 2001 nog volledig toe te rekenen was aan woningverbeteringen en oordeelde in het voordeel van belanghebbende.
De aanslag werd verminderd tot een belastbaar inkomen van € 50.614, en de Inspecteur werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: De rente over de lening in 2001 is aftrekbaar als schuld voor verbetering van de eigen woning; aanslag verminderd en Inspecteur veroordeeld in proceskosten.