ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ5115
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mink
- van Nievelt
- Hulsebosch
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen machtiging uithuisplaatsing minderjarige deels niet-ontvankelijk en deels afgewezen
In deze zaak staat de machtiging tot uithuisplaatsing van meerdere minderjarige kinderen centraal, waarbij het hoger beroep is ingesteld door een van de minderjarigen, vertegenwoordigd door een bijzondere curator. De oorspronkelijke beschikking van de kinderrechter machtigde Jeugdzorg om de kinderen gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen vanwege zorgen over de opvoedingssituatie.
Het hof oordeelt dat het hoger beroep alleen ontvankelijk is voor de minderjarige die het beroep instelde en niet voor diens broers en zussen, omdat de uithuisplaatsing slechts rechtstreeks ingrijpt in de rechten van de betrokken minderjarige en diens ouders. De bijzondere curator is bovendien alleen benoemd voor de minderjarige appellant.
Inhoudelijk concludeert het hof dat de gronden voor uithuisplaatsing van de appellant niet aanwezig zijn. Er is onvoldoende bewijs dat zijn zedelijke, geestelijke belangen of gezondheid ernstig worden bedreigd. De appellant is zestien jaar oud en in staat zijn eigen belangen te behartigen, ook op medisch gebied. De eerdere tijdelijke onderbreking van gas en elektriciteit heeft geen bedreiging voor zijn gezondheid opgeleverd, en hij presteert goed op school.
Daarom vernietigt het hof de beschikking voor de appellant en wijst het verzoek van Jeugdzorg tot uithuisplaatsing af. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk voor de andere kinderen. De uitspraak benadrukt het belang van directe belangen bij het instellen van hoger beroep en de zorgvuldige afweging van de noodzaak van uithuisplaatsing.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk voor de broers en zussen en vernietigt de beschikking voor de appellant, waarbij het verzoek tot uithuisplaatsing wordt afgewezen.